Situation sécuritaire

Nederlands

Deze research biedt een stand van zaken van de veiligheidssituatie in Burkina Faso. Hij heeft specifiek betrekking op de periode van 1 januari 2017 tot 30 april 2019.

De research werd beëindigd op 31 mei 2019.

Burkina Faso is sinds 2015 het doelwit van de jihadisten van de Sahel geworden. De aanwezigheid van jihadistische groepen en van criminele groepen heeft te maken met de onveiligheid in het naburige Mali maar ook met een explosieve cocktail van armoede, inefficiënte terreurbestrijding en afwezigheid van openbare basisdiensten. Deze gewapende groepen buitten frustraties uit en vonden tussenpersonen onder de lokale bevolking om zich te vestigen en hun acties te voeren. In de Sahel onderscheiden zich drie grote jihadistische entiteiten (Ansarul Islam, Islamic State in the Greater Sahara en de Groupe de soutien à l'islam et aux musulmans) maar talrijke andere entiteiten die grenzen aan jihadisme en criminaliteit, bewegen zich rond deze drie entiteiten.

Om de onveiligheid te bestrijden, kozen de Burkinese troepen voor een militaire aanpak maar het Burkinese veiligheidsapparaat is gedesorganiseerd sinds de val van Blaise Compaoré in oktober 2014, na een regeerperiode van 27 jaar. Bewakings- en zelfverdedigingsgroepen van lokale actoren proberen, met bepaalde excessen, deze tekortkomingen van de overheid te verhelpen om een minimumdienstverlening op gebied van veiligheid en justitie te garanderen.

Drie internationale actoren voeren operaties in Burkina Faso uit. Het gaat om een Franse militaire interventie (Barkhane), een vredesmissie van de Verenigde Naties (MINUSMA) en een regionale gezamenlijke troepenmacht (G5 Sahel). Deze actoren voeren gecoördineerde operaties uit.

De jihadistische groepen executeren tientallen burgers (meer dan 200 volgens het ACLED), ondermijnen de wegen, ontvoeren, plunderen, verbieden winkels en scholen hun deuren te openen of belemmeren evenementen zoals markten of religieuze vieringen.

De spanningen tussen de gemeenschappen stijgen ook en in de meeste gevallen komen de Peul (vaak veehouders die worden geacht de gewapende islamisten te ondersteunen) tegenover de Mossi of de Foulsé (vaak landbouwers die worden geacht de veiligheidstroepen te ondersteunen) te staan.

Talrijke inwoners hebben het gevoel dat ze tussen twee vuren zitten, tussen de gewapende islamisten die hen verwijten samen te werken met de autoriteiten, en de autoriteiten die hen van het omgekeerde beschuldigen. Verschillende bronnen zijn het erover eens dat vertegenwoordigers van de overheid of werknemers uit de onderwijssector tot nu toe specifiek werden geviseerd door de gewapende islamisten.

De Peul worden geassocieerd met de jihadisten. HRW benadrukt echter dat de intimidaties van de gewapende islamisten gericht zijn op alle voornaamste etnische groepen in de regio van de Sahel. De research van HRW toont ook aan dat de gewapende islamistische groepen in de Sahel hun rekrutering toespitsen op de Peul en dat de meeste slachtoffers van de misbruiken door de veiligheidstroepen tot deze etnie behoren.

Verschillende aanvallen waren bovendien gericht op christenen, terwijl christenen en moslims altijd vreedzaam naast elkaar hebben geleefd in het land.

De terroristische bedreiging was aanvankelijk beperkt tot het noorden van de Sahel maar ze breidde zich geleidelijk uit tot andere regio’s, met name het oosten. De hoofdstad Ouagadougou werd in 2016 en 2017 getroffen door drie grootscheepse aanslagen. ACLED stelt vast dat de onveiligheid zich in mindere mate ook uitbreidde tot de regio’s van het zuidwesten.

Voor het eerst werd Burkina Faso geconfronteerd met interne verplaatsingen. Eind april 2019 verplaatsten bijna 150.000 personen zich hoofdzakelijk naar het noorden en het oosten.

OCHA schat dat in 2019 1,2 miljoen personen humanitaire bijstand nodig hebben.

Beleid

Het beleid dat de commissaris-generaal voert, is gestoeld op een grondige analyse van nauwkeurige en actuele informatie over de algemene situatie in het land van oorsprong. Die informatie wordt op professionele manier verzameld uit verschillende objectieve bronnen, waaronder het EASO, het UNHCR, relevante internationale mensenrechtenorganisaties, niet-gouvernementele organisaties, vakliteratuur en berichtgeving in de media. Bij het bepalen van zijn beleid baseert de commissaris-generaal zich derhalve niet alleen op de op deze website gepubliceerde COI Focussen opgesteld door Cedoca, dewelke slechts één aspect van de algemene situatie in het land van herkomst behandelen.

Uit het gegeven dat een COI Focus gedateerd zou zijn, kan bijgevolg niet worden afgeleid dat het beleid dat de commissaris-generaal voert niet langer actueel zou zijn.

Bij het beoordelen van een asielaanvraag houdt de commissaris-generaal niet alleen rekening met de feitelijke situatie zoals zij zich voordoet in het land van oorsprong op het ogenblik van zijn beslissing, maar ook met de individuele situatie en persoonlijke omstandigheden van de asielzoeker. Elke asielaanvraag wordt individueel onderzocht. Een asielzoeker moet op een voldoende concrete manier aantonen dat hij een gegronde vrees voor vervolging of een persoonlijk risico op ernstige schade loopt. Hij kan dus niet louter verwijzen naar de algemene omstandigheden in zijn land, maar moet ook concrete, geloofwaardige en op zijn persoon betrokken feiten aanbrengen.

Voor dit land is geen beleidsnota beschikbaar op de website.

Land: 
Burkina Faso
Nieuw adres CGVS