De veiligheidssituatie in de Koerdische Autonome Regio

Nederlands

Deze COI Focus maakt een stand van zaken op van de veiligheidssituatie in de Noord-Iraakse provincies onder officiële controle van de Koerdische Regionale Regering (KRG), de zogenaamde Koerdische Autonome Regio (KAR). Deze regio bestaat uit de provincies Erbil, Suleimaniya en Dohuk.

Dit rapport is een update van het gelijknamige document dat dateert van 14 maart 2018 en het Iraq Security Situation Report van het European Asylum Support Office (EASO) dd. maart 2019. Het onderzoek liep tot 30 september 2019.

De veiligheidssituatie in de Koerdische Autonome Regio (KAR) is significant beter dan deze in Centraal-Irak, zo blijkt uit de geraadpleegde bronnen. De regio kent een zekere mate van stabiliteit, sociale cohesie en efficiënt optredende veiligheidsdiensten. In de verslagperiode bleef de veiligheidssituatie stabiel. Daar waar de naburige Iraakse provincies door geweld werden getekend, bleef de KAR grotendeels vrij van geweld. Het militaire geweld in de Centraal-Iraakse provincies Ninewa, Kirkuk en Diyala had weinig effect op de veiligheidssituatie in de KAR. De grens met Centraal-Irak blijft streng bewaakt door de peshmerga.

Het Koerdische onafhankelijkheidsreferendum (25 september 2017) brak de KRG en de Koerdische bevolking zuur op. Het Iraakse leger en PMU verdreven als reactie hierop de Koerdische troepen uit Kirkuk en de betwiste gebieden onder Koerdische controle. De KRG verloor hiermee bij benadering 30 % van zijn de facto grondgebied en een groot deel van zijn olie-inkomsten. Daarmee is het politieke landschap van de Iraakse Koerden volledig door elkaar geschud. De regio kampt met een machtsstrijd tussen de Koerdische partijen alsook een economische crisis. De KDP en PUK slaagden er niettemin in een politiek akkoord te tekenen, samen een regering te vormen en een relatieve mate van stabiliteit te bewaren.

De voorbije twee jaar was sprake van één grote en een drietal kleinere aanslagen van IS op overheidsdoelwitten in de KAR. Hierbij lieten volgens de geraadpleegde bronnen twee ambtenaren, drie peshmerga en een burger het leven.

Sinds 2018 voerde het Turkse leger de luchtaanvallen op PKK-doelwitten significant op. Het voerde wekelijkse luchtaanvallen uit op PKK-doelwitten in de noordelijke grensregio’s van Dohuk, Erbil en Suleimaniya. Het betreft de grootste en langstdurende Turkse operatie in Irak tot op heden. De Turkse offensieven bestaan voornamelijk uit gerichte luchtbombardementen op PKK-basissen in bergachtig en dunbevolkt grensgebied met Turkije. Hierbij worden echter ook naburige Koerdische dorpen getroffen. De grensregio’s in de gebieden Qandil, Metina, Amedi, Sidekan, Choman, Soran, Shiladeza, Avasin/Basyan en Hakurk blijken het meest geviseerd. In 2018 vielen hierbij, zo blijkt uit analyse van de verschillende bronnen, naar schatting zeventien burgerdoden. In 2019 (tot eind september 2019) waren dit er naar schatting elf.

Daarnaast vinden Iraanse raket-, artillerie- en drone-aanvallen op KDPI-doelwitten in de Noord-Iraakse grensregio plaats in de strijd tegen Iraans-Koerdische rebellen. Hierbij kwamen in 2018 een vijftiental partijleden om. In juli 2019 zouden drie burgerdoden gevallen zijn.

Voor 2018 meldt de Koerdische overheid 35 slachtoffers van landmijnen, waarvan 21 doden en 14 zwaargewonden.

Beleid

Door een toename in geweld- en terreurdaden is de veiligheids– en mensenrechtensituatie in Irak sinds het voorjaar van 2013 verslechterd. Naar aanleiding van het grondoffensief dat IS sinds juni 2014 in Irak voert, is de situatie verder geëscaleerd.  Dit heeft geleid tot een bloedig intern gewapend conflict. Burgers worden hierbij geviseerd door de strijdende partijen omwille van etnische, religieuze of politieke redenen.  In de loop van 2015 kwam IS meer en meer onder druk te staan in verschillende regio’s in Irak en slaagden de Iraakse veiligheidstroepen, de sjiitische milities en de Koerdische peshmerga er in om IS uit een deel van de veroverde gebieden te verdrijven. In 2016 werd IS verder teruggedrongen en werden grote stukken van het gebied onder controle van IS terug ingenomen door regeringstroepen. De herovering van gebieden bezet door IS had een duidelijk merkbare impact op de veiligheidssituatie in Irak in het algemeen. Ook in 2017 is er sprake van een verdere daling van het geweld.

Uit de beschikbare informatie blijkt dat het geweldsniveau, de impact van het terreurgeweld, en de gevolgen van het offensief van IS nog steeds regionaal erg verschillend zijn. De sterk regionale verschillen typeren de veiligheids- en mensenrechtensituatie in Irak. Concreet betekent dit dat de situatie in het Noord- en Zuid-Irak verschillend is van de situatie in Centraal-Irakese provincies.

Land: 
Irak

Nieuw adres CGVS