De veiligheidssituatie in Centraal- en Zuid-Irak

Nederlands

Het doel van dit onderzoek is een stand van zaken op te maken over de veiligheidssituatie in Centraal en Zuid-Irak, met inbegrip van de hoofdstad Bagdad. Het gebied omvat de provincies Anbar, Diyala, Kirkuk, Ninewa en Salah al-Din (Centraal-Irak), de hoofdstedelijke provincie Bagdad, en de provincies van Zuid-Irak: Babil, Basra, Karbala, Maysan, al-Muthanna, Najaf, Qadisiya, Dhi Qar en Wasit. Het onderzoek richt zich in het bijzonder op de periode van maart 2019 tot januari 2020.

De analyse is een gedeeltelijke actualisering van het EASO rapport over de veiligheidssituatie in Irak: EASO Country of Origin Rapport Iraq, Security Situation, March 2019.

Tijdens de voor dit document onderzochte periode was er een verdere afname van het geweld door de restanten van de voormalige Islamitische Staat (ISIS) die al sinds november 2017 geen grondgebied in Irak onder vaste controle houdt. ISIS is in 2019 en begin 2020 vooral een ruraal fenomeen en houdt zich schuil in ontoegankelijke gebieden in Centraal-Irak, van waaruit het aanvallen op de veiligheidstroepen en ook op burgers uitvoert. Sinds het verlies van het laatste grondgebied in Irak voert ISIS een guerrillastrategie met in de eerste plaats gerichte aanvallen op posities van het Iraakse leger, de politie en de PMF in de provincies van Centraal-Irak en de rurale buitengebieden van de provincie Bagdad. ISIS viseert ook personen die een of andere veiligheidsfunctie uitoefenen, zoals politiepersoneel of mukhtars, die over het reilen en zeilen in hun dorp of wijk goed op de hoogte zijn. Deze personen en hun families vormen het doelwit van gerichte executies. De grootschalige aanslagen, al dan niet met zelfmoordterroristen, zijn uitzonderlijk geworden, actueel vallen meer slachtoffers onder de combattanten van beide kanten dan onder de burgerbevolking.

De tendens naar minder geweld door ISIS is over het hele land gezien duidelijk: in Bagdad zijn de aanslagen zeer sterk verminderd en in heel Zuid-Irak is de terroristische organisatie zo goed als volledig afwezig. Lokaal zijn er soms wel opflakkeringen, met name in Diyala, Kirkuk, Ninewa en Salah al-Din is de frequentie van aanvallen door ISIS nog altijd relatief hoog maar nergens is ze nog vergelijkbaar met de periode van 2013 tot 2016. Het (totaal) aantal aanvallen en slachtoffers liggen vele malen lager.

Betogingen van burgers tegen corruptie en dysfunctionele infrastructuur zijn een jaarlijks terugkerend fenomeen in Irak maar na vergelijkbaar rustige zomermaanden kwam het vanaf begin oktober 2019 tot zware betogingen in Bagdad en heel Zuid-Irak. Net als in de zomer van 2018 werd door de overheid en de pro-Iraanse milities gepoogd om het protest neer te slaan met geweld. Maar ondanks het inzetten van waterkanonnen, traangas en geweervuur tegen de jonge betogers (de helft van de Iraakse bevolking is jonger dan 25 jaar) geraakten de protesten niet onder controle en werden de eisen van de betogers alleen maar radicaler: zij eisen het aftreden van de hele politieke klasse en nieuwe bestuurders die niet geworteld zijn in het systeem van machtsdeling tussen de etnische en religieuze machtsblokken (Muhasasa).

Tijdens de protesten zijn honderden burgerdoden en duizenden gewonden gevallen. Er werden ook duizenden betogers gearresteerd en mishandeld. Tientallen activisten werden ontvoerd of vermoord, en media met een uitgebreide berichtgeving over de demonstraties werden bedreigd en ook aangevallen. Begonnen als een protestbeweging van studenten tegen de hoge jongerenwerkloosheid, en als verzet tegen het ontslag van een populaire bevelhebber van de Counterterrorism Forces, groeide het protest uit tot een brede beweging met veel steun vanuit de bevolking die het politieke systeem op zijn grondvesten doet daveren.

Het neerslaan van de betogingen gebeurt niet alleen door leger en politie maar ook door pro-Iraanse milities, die bovendien ook materiele en logistieke steun krijgen vanuit Iran. Er vallen in heel het land sinds het begin van de betogingen op 1 oktober 2019 meer slachtoffers tijdens deze protesten dan door toedoen van ISIS.

Iran speelt een heel actieve rol in Irak, en de toenemende escalatie van het conflict tussen de VS en Iran heeft een sterke politieke invloed in Irak. De VS en Iran hebben beiden een militaire aanwezigheid in het land, en in de loop van 2019 kwam het tot herhaalde wederzijdse aanvallen binnen Irak, tussen de VS en de pro-Iraanse milities, en in een geval ook rechtstreeks vanuit Iran. Ook Israël heeft enkele keren installaties van de pro-Iraanse milities beschoten in Irak. Turkije heeft dan weer enkele luchtaanvallen uitgevoerd op stellingen van Koerdische milities in Sinjar.

De dodelijke aanval door de VS op Qassem Soleimani en Abu Mahdi al-Muhandis in Bagdad was het hoogtepunt van de confrontatie maar de spanningen en wederzijdse aanvallen gaan nog door. Vanuit politieke hoek in Irak klinkt een sterke roep naar het beëindigen van de buitenlandse militaire inmenging in het land. De pro-Iraanse sjiieten willen vooral een vertrek van de VS maar de Koerden en ook de soennitische Arabieren zijn ertegen gekant. Vooral de laatstgenoemden zouden liever een vertrek van de pro-Iraanse milities uit Centraal-Irak zien en zijn actueel de facto bondgenoten van de VS geworden.

In de soennitische gebieden in Centraal-Irak bleef het opvallend stil. In de verslagperiode zijn  er geen betogingen tegen de overheid geweest, hoewel ook deze gebieden dezelfde problemen kennen met falende infrastructuur en endemische corruptie. De bevolking is echter bang om door protesten te worden vereenzelvigd met de rebellie van soennitische extremisten, met name ISIS.

In de omstreden gebieden concurreren de Koerden en Bagdad om de macht. Na het verlies van een deel van de omstreden gebieden in de nasleep van het referendum van september 2017 is er op sommige plaatsen en machtsvacuüm ontstaan: de centrale overheid bleek niet in staat om in landelijke gebieden voor de nodige veiligheid en bescherming voor de resterende ISIS-militanten te zorgen. ISIS maakte dan ook dankbaar gebruik van deze situatie. Ondanks hun concurrentie zijn de Koerden en Bagdad nu gedwongen om op veiligheidsgebied terug samen te werken om de extremistische militanten in deze zones efficient te bestrijden.

De terugkeer van de IDP’s is vertraagd. Nog altijd zijn anderhalf miljoen ontheemden niet teruggekeerd naar hun oorspronkelijke woonplaats. De redenen daarvoor zijn veelvuldig: oorlogsschade, veiligheidsproblemen door actuele conflicten of door contaminatie met explosieven, en ook slechte economische perspectieven maken dat veel gevluchte burgers aarzelen om terug te keren. De gemeenschappen in de voormaals door ISIS bezette gebieden zijn zwaar getekend door de gebeurtenissen en vaak verscheurd langs etnische, religieuze en tribale lijnen. De eisen om bestraffing en wraak drijven samen met de vrees voor een terugkeer van de Islamitische Staat het verzet op tegen een terugkeer van families of clans die met ISIS geassocieerd worden maar de overheid oefent druk uit op de gemeenschappen om deze terugkeer te versnellen. Er zijn enkele gebieden waar weinig of zelfs bijna geen terugkeer gebeurt.

Beleid

Binnenkort beschikbaar.

Land: 
Irak

Nieuw adres CGVS