Behandeling van terugkeerders door hun nationale autoriteiten

Nederlands

Dit rapport is een update van de COI Focus van 25 oktober 2018 met als titel COI Focus Iran. Risico bij terugkeer. Het rapport beschrijft de houding van de Iraanse autoriteiten ten opzichte van hun onderdanen die naar hun land terugkeren nadat ze het land illegaal hebben verlaten en/of een verzoek om internationale bescherming in België hebben ingediend en/of er verbleven hebben. Er wordt niet nader ingegaan op de behandeling door de autoriteiten van terugkeerders met een politiek, etnisch, religieus of terroristisch profiel.

Dit rapport omvat de periode 1 november 2018 tot en met 1 maart 2020. Het onderzoek voor deze update werd afgesloten op 20 maart 2020.

In de afgelopen tien jaar hebben Iraanse emigranten om verschillende redenen het land verlaten: sociale en religieuze controle, het gevaar op vervolging, de hoge werkloosheidsgraad, de lage lonen, een gebrek aan mogelijkheden voor wetenschappelijk onderzoek en de onstabiele politieke en sociale situatie. Uit de gevonden informatie blijkt dat de Iraanse autoriteiten de activiteiten van Iraniërs in het buitenland wensen op te volgen. De geraadpleegde bronnen geven aan dat het aantal verzoeken tot internationale bescherming van Iraniërs binnen Europa de afgelopen twee jaar stijgt. Cijfergegevens verzameld door EASO in januari 2020 tonen aan dat Iran in de top tien staat van verzoeken om internationale bescherming in de EU+ landen. Volgens cijfers van Eurostat dienen in 2018 in België 560 Iraniërs een verzoek om internationale bescherming in en in 2019 stijgt dit aantal tot 775.

Volgens informatie van de DVZ zijn in de periode 1 januari 2019 tot en met 31 januari 2020 21 personen vrijwillig teruggekeerd naar Iran. Uit cijfergegevens van de DVZ blijkt dat er in dezelfde verslagperiode geen gedwongen verwijderingen zijn georganiseerd door de Belgische autoriteiten naar Iran.

In de Iraanse wetgeving is er geen wet die het aanvragen van asiel in het buitenland strafbaar stelt. Een illegale uitreis is strafbaar op grond van artikel 34 van de Iraanse strafwetgeving. Het land verlaten zonder (geldig of persoonlijk) paspoort kan bestraft worden met een geldboete, een gevangenisstraf van twee tot zes maanden of beiden, afhankelijk van de omstandigheden volgens informatie van het Nederlands ministerie van Buitenlandse Zaken. Er bestaat geen terugkeer – en overnameakkoord met Iran (noch op nationaal-, noch op Benelux, noch op EU-niveau) met Iran. 

De gematigde president Rouhani creëerde na zijn aantreden in augustus 2013 een sfeer van optimisme onder vele Iraniërs in het buitenland omtrent een mogelijke definitieve terugkeer naar Iran. Hij liet verstaan dat de autoriteiten een dergelijke terugkeer aanmoedigden en wenselijk achtten. Er werd geen informatie gevonden die erop wijst dat afgewezen personen bij terugkeer naar Iran een risicogroep vormen. Het DFAT-rapport geeft aan dat volgens internationale waarnemers Iran weinig aandacht besteedt aan afgewezen asielzoekers die terugkeren naar Iran. Ook de DVZ heeft geen weet van moeilijkheden of mensenrechtenschendingen bij terugkeer naar Iran tijdens de verslagperiode van deze COI Focus.

Cedoca heeft binnen het tijdsbestek van deze COI Focus geen informatie gevonden over verdere opvolging op het grondgebied van afgewezen asielzoekers. Volgens de DVZ is er enkel het generieke AVRR-programma dat via Fedasil ondersteund wordt.

 

Beleid

Het beleid dat de commissaris-generaal voert, is gestoeld op een grondige analyse van nauwkeurige en actuele informatie over de algemene situatie in het land van oorsprong. Die informatie wordt op professionele manier verzameld uit verschillende objectieve bronnen, waaronder het EASO, het UNHCR, relevante internationale mensenrechtenorganisaties, niet-gouvernementele organisaties, vakliteratuur en berichtgeving in de media. Bij het bepalen van zijn beleid baseert de commissaris-generaal zich derhalve niet alleen op de op deze website gepubliceerde COI Focussen opgesteld door Cedoca, dewelke slechts één aspect van de algemene situatie in het land van herkomst behandelen.

Uit het gegeven dat een COI Focus gedateerd zou zijn, kan bijgevolg niet worden afgeleid dat het beleid dat de commissaris-generaal voert niet langer actueel zou zijn.

Bij het beoordelen van een asielaanvraag houdt de commissaris-generaal niet alleen rekening met de feitelijke situatie zoals zij zich voordoet in het land van oorsprong op het ogenblik van zijn beslissing, maar ook met de individuele situatie en persoonlijke omstandigheden van de asielzoeker. Elke asielaanvraag wordt individueel onderzocht. Een asielzoeker moet op een voldoende concrete manier aantonen dat hij een gegronde vrees voor vervolging of een persoonlijk risico op ernstige schade loopt. Hij kan dus niet louter verwijzen naar de algemene omstandigheden in zijn land, maar moet ook concrete, geloofwaardige en op zijn persoon betrokken feiten aanbrengen.

Voor dit land is geen beleidsnota beschikbaar op de website.

Land: 
Iran

Nieuw adres CGVS