De burgers van een EU-lidstaat of van een kandidaat-lidstaat kunnen in België een asielaanvraag indienen. Het CGVS behandelt de asielaanvragen in een versnelde procedure. Ook de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen (RvV) voorziet in een specifieke beroepsprocedure.

De prioritaire behandeling

Het CGVS behandelt de asielaanvraag van een EU-onderdaan met voorrang en gaat in de eerste plaats na of hij de asielaanvraag in overweging neemt. Algemeen geldt voor EU-burgers dat internationale bescherming niet nodig is. De asielzoeker moet duidelijk kunnen aantonen dat hij in zijn persoonlijke situatie een gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op het lijden van ernstige schade heeft. De bewijslast ligt in grote mate bij de asielzoeker.

De beslissing door het CGVS

Het CGVS kan beslissen de asielaanvraag niet in overweging te nemen als uit de verklaringen van de asielzoeker niet duidelijk een gegronde vrees voor vervolging of een reëel risico op ernstige schade blijkt.

De beslissing geeft duidelijk aan waarom het CGVS asielaanvraag van de EU-onderdaan niet in overweging neemt. Het CGVS neemt deze beslissing binnen de 5 werkdagen nadat de Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) de asielaanvraag aan het CGVS heeft overgedragen.

Een beslissing tot erkenning van de vluchtelingenstatus of toekenning van de subsidiaire beschermingsstatus blijft mogelijk na een individuele beoordeling van alle elementen uit het dossier.

Het beroep bij de RvV

Een EU-onderdaan die een beslissing tot weigering van inoverwegingname van zijn asielaanvraag van het CGVS ontvangt, heeft 30 kalenderdagen de tijd om bij de RvV een beroep tegen deze beslissing in te dienen, tenzij hij in een gesloten centrum of in de gevangenis verblijft. In dat geval heeft hij 15 kalenderdagen om een beroep in te dienen.

Dit beroep is een niet-opschortend beroep tot nietigverklaring. De RvV controleert enkel de wettigheid: de RvV onderzoekt of het CGVS de procedure correct heeft toegepast en of de beslissing overeenstemt met de wet. De RvV spreekt zich niet uit over de grond van het dossier, d.w.z. over de inhoud van de asielaanvraag.

Het beroep is niet automatisch schorsend: als de asielzoeker bij zijn beroep tot nietigverklaring geen schorsingsverzoek heeft ingediend, kan hij worden teruggeleid of uitgewezen.

De RvV kan de beslissing:

  • bevestigen: de beslissing van het CGVS is correct
  • vernietigen: de RvV stuurt het asieldossier terug naar het CGVS dat een nieuwe beslissing moet nemen.