De beroepsprocedure

De beroepsprocedure

De RvV blijft als enige rechtscollege bevoegd om kennis te nemen van beroepen die worden ingesteld tegen beslissingen met toepassing van de Vreemdelingenwet.

De verzoeker kan in beroep gaan tegen volgende beslissingen van het CGVS:

  • een weigering van de vluchtelingenstatus en weigering van de subsidiaire beschermingsstatus
  • een weigering van de vluchtelingenstatus en een verlening van de subsidiaire beschermingsstatus
  • een niet-ontvankelijkheidsbeslissing
  • een impliciete intrekking van het verzoek
  • een beslissing tot uitsluiting van de vluchtelingenstatus en/of subsidiaire beschermingsstatus
  • een intrekking van de vluchtelingenstatus en/of van de subsidiaire beschermingsstatus

Het verloop van het beroep

De verzoeker kan na de betekening van de beslissing van het CGVS een beroep indienen. De beroepstermijnen zijn terug te vinden in de kennisgevingsbrief bij de beslissing CGVS.

De verzoeker en/of zijn advocaat dient een ‘verzoekschrift’ in waarin hij alle argumenten aanhaalt tegen de beslissing van het CGVS. De verzoeker kan nieuwe elementen en documenten ter ondersteuning van zijn asielrelaas toevoegen aan zijn verzoekschrift. De verwerende partij kan ook nieuwe elementen opwerpen bij de RvV.

De procedure verloopt in principe schriftelijk, maar er kan ook  een zitting georganiseerd waar de advocaat en/of de verzoeker de belangen van de verzoeker verdedigen. Het CGVS kan optreden als op als verwerende partij.

Het beroep tegen een terugkeerbesluit wordt in dezelfde procedure behandeld als het beroep tegen afwijzing van een verzoek. In beide gevallen gaat het om een ex nunc onderzoek.

Een beroep is in principe schorsend. Dit betekent dat een verzoeker niet verwijderd kan worden en het recht op opvang behoudt. Voor een aantal beslissingen van verzoeken ingediend vanaf 12 juni 2026 is de beroepsprocedure niet langer schorsend.  Dit staat expliciet in de kennisgevingsbrief bij de  beslissing vermeld.

Het arrest bij een beroep

De RvV kan een beslissing van het CGVS:

  • bevestigen: de RvV neemt een arrest in dezelfde zin als de beslissing van het CGVS.
  • hervormen: de RvV is het niet eens met de beslissing van het CGVS en verleent de vluchtelingenstatus of de subsidiaire beschermingsstatus. De RvV kan een verlening van de subsidiaire beschermingsstatus hervormen tot een weigering van de subsidiaire beschermingsstatus of tot een verlening van de vluchtelingenstatus.
  • vernietigen: de RvV stelt onregelmatigheden in het asieldossier vast of meent over onvoldoende elementen te beschikken om een arrest  te kunnen vellen en stuurt het asieldossier terug naar het CGVS, dat een nieuwe beslissing moet nemen. Het CGVS moet rekening houden met de opmerkingen van de RvV bij het nemen van een nieuwe beslissing.