Tien jaar verdrag van Instanbul

Vandaag is het 10 jaar geleden dat het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld, beter bekend als het "Verdrag van Istanbul", in Istanbul werd ondertekend.

Dit vormt de gelegenheid om in de kijker te zetten hoe het CGVS bijdraagt tot de uitvoering van deze sterke tekst, die op 14 maart 2016 door België werd geratificeerd en in ons land op 1 juli van datzelfde jaar in werking trad.

De vier pijlers van het Verdrag en de concrete gevolgen voor het CGVS

De staten die het Verdrag hebben geratificeerd, verbinden zich ertoe de maatregelen om dergelijk geweld te voorkomen (Prevention), de slachtoffers te beschermen (Protection) en de daders te vervolgen (Prosecution), alsook een algemeen coördinatiebeleid (Co-ordinated Policies) voor de genomen maatregelen te versterken (of uit te voeren).

Dit Verdrag is de eerste wetstekst die voor de staten die het Verdrag bekrachtigen, bindende normen en verplichtingen bevat op gebied van preventie en bestrijding van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld.

Hoewel slechts drie artikelen van het Verdrag specifiek betrekking hebben op asiel en migratie, heeft deze tekst via diverse andere aspecten gevolgen voor de dagelijkse werkzaamheden van het CGVS.

Toen België het Verdrag op 14 maart 2016 bekrachtigde, waren de praktijken van het CGVS om in de procedure voldoende rekening te houden met gendergerelateerd geweld al goed ingeburgerd en in overeenstemming met de verplichtingen van het Verdrag. De aandacht voor dergelijk geweld (in de vorm van internationale bescherming en preventie), die belangrijk is in de opdracht van het CGVS, kwam al tot uiting in het dagelijkse werk van de protection officers, alsook in de geleidelijk verbeterde kwaliteit van de opleidingen inzake gendergerelateerde kwesties, in de aandacht voor preventie van secundaire victimisatie, in het opstellen van statistische gegevens over de eindbeslissingen van het CGVS voor elk gendergerelateerd motief en het ter beschikking stellen van die gegevens voor de bevoegde instantie (het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen), in contacten en uitwisselingen met het maatschappelijk middenveld, dit gebeurt met respect voor de onafhankelijkheid van het CGVS.

11 mei 2021